Kunstblog | impressiossinisme ..? deel 2

Impressionisme

Een impressionistisch werk laat zich typeren door een stijlvol palet van heldere, opgewekte kleuren die met gevarieerde, gebroken toetsen zijn opgebracht op een wit gegrond doek. Zij probeerden het prismatische karakter van het natuurlijke licht weer te geven door speciale kleuren gelijkmatig in kleine verfstreken op te brengen zodat deze optisch tot één geheel vervloeien. H&F 709

Monet | impression Sunrise | 1872

Het volgende las ik met verbazing; Monet zei in 1889 tegen een jonge Amerikaanse kunstenaar; ‘Als je buiten gaat schilderen, moet je proberen te vergeten wat voor object je voor je hebt- een boom, een huis, een akker of wat dan ook. Denk alleen; hier is een vierkantje blauw, daar een rechthoek roze, hier een streep geel, en schilder het dan precies zoals het er voor jouw ogen uitziet, precies in die kleur en vorm, totdat het je eigen naïeve indruk van het tafereel voor je weergeeft.’ Wauw! Dit doet me denken aan een aantal gesprekken die ik voerde over mijn werk met andere kunstenaars en vrienden. Het is bijzonder om te lezen dat ik vanuit mijn eigen onderzoek een beeldvorming heb die hier naadloos op aansluit. In mijn eigen werk ben ik opzoek naar een aanduiding. Zoals mijn website al toont, noem ik werk impressionistisch, maar klopt dit wel? Mijn gevoel zegt me dat het woord voor mij klopt maar dan als nieuw impressionistisch; een optiek die zegt dat onze blik wordt vervalst door het feit dat we weten wat we zien.

Puur impressionistisch werk maak ik niet. Het kader van de oorspronkelijke vorm van impressionisme wringt op een aantal punten met mijn werk. Zo ontstaat mijn werk niet volledig uit de behoefte om alleen maar een toeschouwer te zijn. Als startpunt kies ik al een onderwerp waar ik een persoonlijke binding of voorkeur voor heb. Dit is niet puur vanuit een esthetisch* oogpunt (*puur vanwege de schoonheid ergens van, omdat het een mooi plaatje oplevert) maar omdat er een verhaal of betekenis achter zit. De eerste vormen van het impressionisme miste inhoud en dit leverde onder andere Manet, Renoir en Degas een startpunt om te vernieuwen in deze kunstvorm. Volgens H&F verbonden verschillende kunstenaars zich met hun illusionistische vernieuwingen. Dat klinkt gek. Eerst hebben we het over een impressie en dan over een illusie. Impressie is een indruk/ervaring die zo ongekleurd mogelijk het origineel toont. Een illusie is een indruk/ervaring die zo sterk gekleurd is dat het een andere indruk/ervaring oplevert dan het origineel. Twee totaal verschillende interpretaties. Volgens de schrijvers van het kunstgeschiedenis-boek (H&F) vonden de kunstenaars zich in het experiment die het impressionisme bracht: kleuren, structuur en toets.

Toen er een verschuiving in het impressionisme kwam door diepgang te zoeken in het onderwerp, ontdekte een stel kunstenaars dat het stadsleven enorm veel inspiratie opleverde; de combinatie van kunstmatig en natuurlijk, van illusie en werkelijkheid in deze wereld van de nacht, leverde ‘moderne’ beelden van het eigentijdse leven. Zo schilderde Manet het bekende schilderij van een meisje achter de bar. Een weerspiegeling van een weerspiegeling. Het meisje staat voor een spiegel en toch zien we niet een toeschouwer (de schilder heeft zichzelf volledig weggelaten en toch zie je iedereen in de weerspiegeling. Dit is dus geen objectieve verbeelding van de realiteit. Anders hadden we Manet zelf moeten zien. Verder bezit dit schilderij een emotie vanuit het meisje: een eenzaamheid en desillusie van het leven in de grote stad, iets van het gevoel van isolement en vervreemding dat zo kenmerkend is voor het moderne levensgevoel. (H&F)

Edouard Manet | Een bar in de Folies-Bergere | 1881-82

Edouard Manet | Een bar in de Folies-Bergere | 1881-82

Neo-impressionisme
Het oppervlakkige kijken naar een situatie (puur als toeschouwer) werd steeds meer als een gebrek en gemis gezien. Men wilde diepgang, emotie en diepere betekenis van datgene wat werd afgebeeld. Dat dit ‘gebrek’ juist als een voordeel werd gezien bij het begin van impressionisme laat zien hoe snel dit veranderde. Toch zegt mijn optiek dat objectiviteit van het beeld kan bestaan in een beeld met emotie. Kijkend naar patronen, kleuren en het spel dat je speelt verteld een verhaal. Werken met een titel is bijvoorbeeld een manier om een opening tot diepgang te maken in een afgebeeld werk. Renoir (begin impressionisme) zag als belangrijkste kwaliteit dat het ‘de schilderkunst had bevrijd van het belang van het onderwerp’. Dat we hier tegenwoordig voldoende kunststromingen voor hebben, haalt de noodzaak hiervan weg bij het impressionisme, maar legt wel het verschil uit.

De opvatting van ‘impressie’ was zowel objectief als subjectief, zij ging verder dan een rechtlijnige ‘nauwkeurige registratie van de natuur’, want zij omvatte tevens de persoonlijke en unieke ‘ervaring’ van een bepaalde kunstenaar. Monet sprak bijvoorbeeld van ‘mijn heel eigen impressie’ en zei dat hij altijd beter in afzondering werkte volgens ‘de precieze impressie van wat ik voelde, ik, in mijn eentje’. Zo sprak ook Pisarro over zijn eigen ‘ervaring’ als ‘het enige dat werkelijk van belang is’. H&F 722

 

Tijdens het lezen en schrijven van deze blog merk ik dat er veel overeenkomsten zijn tussen wat ik lees over andere kunstenaars en mijn eigen opvattingen. En wanneer dit van elkaar verschilt, werd dit door een andere kunstenaar ook gedaan en kwam er een reactie op. 

De zin dat een impressie een samenkomst is van wat jij ziet en voelt en de uniekheid hiervan in wat je maakt/toont is een uitleg die goed bij mij past.

Start the conversation